| Ego (positief): | Rustige |
| Ego (negatief): | Wegduiker |
| Gedrag: | Contact mijden. Door geen aandacht te trekken, niet lastig gevallen worden. Geen risico nemen dat de onderlinge samenwerking verstoord wordt |
| Doel: | Met rust gelaten worden, waardoor niet gefaald hoeft te worden |
| Mogelijke angst: | Falen en daardoor uit de groep gezet worden |
| Self-fulfilling prophecy bij angst: | Men vindt dat je faalt omdat je niets bijdraagt. Daarmee verlies je je positie en word je mogelijk uit de groep gezet |
| Voorbeeld negatieve selftalk: | Wegduiken, want anders maak je misschien een fout |
| Voorbeeld positieve selftalk: | Als mijn intentie goed is en ik het beste uit mezelf haal, kan ik gerust meedoen |
| Gewenste positie: | 0. |
| De beweging van de rustige is: | De 0 vasthouden. |
| Andere typen die bij dit ego horen: | De stille, de onzichtbare, de conflictmijder, de faalangstige. |
Dit ego lijkt wel wat op ego 2, de zelfstandige. Je wilt namelijk ook liever geen interactie met anderen. Het verschil is dat je je als rustige niet op een bovenpositie positioneert. Je doel is niet ‘aanzien behouden’, maar ‘niet falen’. Door contact te mijden, kom je niet in situaties die je niet aankunt. Nieuwe situaties kunnen bedreigend overkomen. Maar ook in bekende situaties durf je een gefundeerde mening niet te geven. Je neemt namelijk niet het risico dat de onderlinge samenwerking verstoord wordt. Daarom heb je er moeite mee om anderen feedback te geven, want de relatie zou wel eens kunnen verslechteren. Als er toch een interactie ontstaat, heb je als rustige moeite met nee zeggen, want stel dat de ander je dat kwalijk zou nemen en je daarmee vindt falen in de samenwerking.
Als rustige of onzichtbare ben je bang dat je, als de aandacht op je gevestigd wordt, allerlei fouten zult begaan, dat er conflicten zullen ontstaan. En dat je daarvoor verantwoordelijk wordt gehouden, waardoor je positie in de groep ter discussie staat. Een herkenbaar gevoel dat je als rustige ervaart, is het gevoel dat je bekruipt als je op een netwerkbijeenkomst binnenkomt waar je niemand kent. Je hebt het gevoel dat iedereen naar je kijkt en je onzekerheid herkent. Het liefst wil je onzichtbaar worden.
Dat self-fullfilling prophecy optreedt, is evident. Als je nooit een bijdrage levert omdat je bang bent om te falen, dan faal je in de samenwerking. Op de korte termijn kan het best goed zijn om je terughoudend op te stellen. Je hoeft natuurlijk niet altijd het hoogste woord te hebben, of alle acties op je bord te laten schuiven. Maar op de lange termijn ondermijnt ‘niet bijdragen’ je positie.